Cookies verzekeren het goed functionneren van onze website. Door gebruik te maken van deze site, gaat u akkoord met ons gebruik van cookies. Meer informatie OK
U bent hier: Home / Huren / Rechten en plichten / Herstellingen en onderhoud

Herstellingen en onderhoud

Voor een huurwoning rijst vaak de vraag wie verantwoordelijk is voor het onderhoud en diverse herstellingen. In het algemeen gaat men ervan uit dat de normale huurslijtage voor rekening van de verhuurder is, en het onderhoud en kleine, courante herstellingen voor rekening van de huurder.

Voor een huurwoning rijst vaak de vraag wie verantwoordelijk is voor het onderhoud en diverse herstellingen. Het antwoord op die vragen is te vinden in artikel 1719, 1720 en 1754 van het burgerlijk wetboek. Al ligt de interpretatie van die artikelen nogal moeilijk.

In het algemeen gaat men ervan uit dat de normale huurslijtage voor rekening van de verhuurder is, en het onderhoud en kleine, courante herstellingen voor rekening van de huurder.

Alle huurovereenkomsten die na 18 mei 2007 gesloten werden, moeten verplicht aan de volgende regels voldoen:

De aansprakelijkheid van de verhuurder

De eigenaar moet erop toezien dat de woning zich in een goed onderhouden staat bevindt wanneer de huurder zijn intrek neemt. Vervolgens is het de bedoeling dat het verhuurde pand verder onderhouden wordt, in de zin van “in zodanige staat te onderhouden dat het kan dienen tot het gebruik waartoe het verhuurd is (artikel 1719 van het burgerlijk wetboek). Voor de hele duur van de huurovereenkomst moet de verhuurder dus alle grote herstellingen uitvoeren om het goed in een goede verhuurstaat te houden. Samengevat:

  • een goede staat van onderhoud bij de intrek
  • grote herstellingen en onderhoudswerken
  • herstellingen als gevolg van overmacht, ouderdom en normale slijtage.


De verhuurder moet dus alle vereiste herstellingen uitvoeren behalve de huurherstellingen en het verhuurde goed in een zodanige staat onderhouden dat de huurder het “rustige genot” van de woning kan hebben.

De aansprakelijkheid van de huurder

De huurder moet van zijn kant toezien op het dagelijkse onderhoud van de woning (verwarmingsketel en schoorsteen laten onderhouden, het gras maaien, het terras netjes houden, kalkaanslag op de kranen voorkomen, de gebruikershandleidingen van de huishoudtoestellen naleven) om de woning in een goede staat terug te kunnen geven.

Daarnaast staat hij in voor kleine huurherstellingen (lampen vervangen, klein loodgieterswerk…). Deze kleinere herstellingen hangen samen met het normale gebruik van de woning (in tegenstelling tot een geval van overmacht, slijtage of ouderdom). Artikel 1754 van het burgerlijk wetboek somt nog een aantal voorbeelden op van “herstellingen ten laste van de huurder of geringe herstellingen waartoe, behoudens andersluidend beding, de huurder gehouden is, en welke door het plaatselijk gebruik als zodanig beschouwd worden”.

Zijn er grotere problemen, dan is het hoe dan ook aanbevolen dat de huurder zo snel mogelijk contact opneemt met de verhuurder om bijkomende, niet op tijd herstelde schade te vermijden.

Meer weten:

Federale portaalsite

 

Document acties