Verbod op discriminatie op de huisvestingsmarkt

Het is verboden om een kandidaat huurder te discrimineren op basis van een of meer van de volgende criteria: geslacht, vermeend ras, huidskleur, afstamming, nationaliteit, nationale of etnische afkomst, leeftijd, seksuele geaardheid, burgerlijke staat, geboorte, vermogen, godsdienstige of levensbeschouwelijke overtuiging, politieke overtuiging, taal, gezondheidstoestand, handicap, lichamelijke of genetische eigenschap, sociale afkomst en status, en vakbondsovertuiging.

Typische voorbeelden van huisvestingsdiscriminatie zijn:

  • Een verhuurder of vastgoedmakelaar weigert u een woning of heeft geen gevolg gegeven aan uw kandidatuur op basis van een discriminatiegrond (zie hierboven de criteria).
  • U heeft een discriminerend zoekertje gezien (bv. “OCMW’s zich onthouden”, “werklozen zich onthouden”, “arbeidsovereenkomst vereist”, “arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur vereist”, woning voorbehouden voor mannen/vrouwen, personen zonder kinderen, enz.) op het internet, in de krant, op een affiche, op sociale media, enz.
  • Als kandidaat-huurder heeft men u gevraagd om informatie of documenten te verschaffen die een verhuurder niet mag vragen.

De verhuurder mag alleen bepaalde informatie vragen met het oog op het opstellen en sluiten van een huurovereenkomst:

  • de naam en voornaam van de kandidaat-huurder(s);
  • een middel om te communiceren met de kandidaat-huurder;
  • elk document dat het mogelijk maakt de identiteit van de huurder en zijn bekwaamheid om een contract af te sluiten vast te stellen;
  • het aantal personen uit wie het huishouden bestaat;
  • het bedrag van de financiële middelen waarover de huurder beschikt of de raming ervan.

Alle informatie of documenten die niet in deze lijst opgenomen zijn, mogen niet gevraagd worden.

Vaak gestelde vragen

Wat is een klacht of melding?

De termen “klacht” en “melding” zijn niet bij wet gedefinieerd. Wanneer het verzoek afkomstig is van een persoon die zichzelf als slachtoffer van discriminatie beschouwt, wordt het een klacht genoemd. Wanneer het verzoek afkomstig is van een persoon die getuige is geweest van mogelijke discriminatie of van een vereniging, wordt het een melding genoemd.

Wie kan een klacht of melding indienen?

De Brusselse Huisvestingscode legt geen voorwaarden op wat betreft de auteur van de klacht of melding. Elke persoon, vereniging of overheidsdienst kan dus een klacht indienen of een melding maken bij Brussel Huisvesting. Dat geldt ook als de auteur van de melding de feiten alleen maar heeft vastgesteld, zonder er zelf slachtoffer van te zijn. Een voorbeeld daarvan is het vinden van een discriminerend zoekertje.

Het bestaan van een klacht of melding is een van de essentiële voorwaarden waaraan voldaan moet zijn zodat Brussel Huisvesting een discriminatietest zou kunnen verrichten (zie verder).

Hoe verloopt de procedure?

Na ontvangst van de klacht of melding wordt het dossier geanalyseerd om na te gaan of de feiten mogelijk een geval van discriminatie op de huisvestingsmarkt zijn. Er kan om aanvullende informatie worden gevraagd. Als de verstrekte inlichtingen onvolledig zijn of geen eventuele inbreuk zouden vormen op aangelegenheden die tot het bevoegdheidsdomein van Brussel Huisvesting behoort, zal de klacht of melding onontvankelijk verklaard worden.

Brussel Huisvesting kan een discriminatietest uitvoeren indien aan de wettelijke voorwaarden is voldaan en indien deze test noodzakelijk is om het bestaan van de inbreuk aan te tonen.

Als een klacht of melding gegrond is, kan de dader van de discriminatie, na te zijn gehoord, een boete krijgen tussen € 125 en € 6.200. In sommige gevallen kunnen hem zelfs strafrechtelijke sancties worden opgelegd.

Brussel Huisvesting kan geen compenserende maatregelen voor het slachtoffer uitspreken, zoals een vergoeding. Indien u informatie wenst over de alternatieven voor de klachtenprocedure bij Brussel Huisvesting en in het bijzonder over de mogelijkheden om uw rechten voor de rechtbank te doen gelden, nodigen wij u uit contact op te nemen met: